eduScrum maakt studenten nieuwsgieriger

Bij ICA is als onderdeel van een project van “Faculteit Techniek onderzoekt” een pilot uitgevoerd met eduScrum. Waar Scrum al jaren gebruikt wordt als projectaanpak binnen en buiten de ICT bleek het ook erg geschikt om les mee te geven. Het leidde in de pilot tot nieuwsgierigere studenten die kritischer waren op hun eigen werk.

Scrum is een procesraamwerk dat door het bedrijfsleven veel gebruikt wordt om complexe productontwikkeling te managen. Het raamwerk is overzichtelijk door een beperkt aantal producten, rollen en activiteiten en vooral in gebruik om een diversiteit aan complexe producten (zoals software) te realiseren.

Scrum bij ICA

Bij ICA wordt Scrum al een tijd gebruikt in projectonderwijs voor ICT- en Communicatie en Multimedia Design (CMD) projecten, maar sinds dit schooljaar zijn we een pilot gestart om met Scrum ook vakken (courses) te geven, deze variant noemen we eduScrum.

In de curriculumopzet van ICA volgen studenten in de hoofdfase semesters: eerst 10 weken lang twee kennisintensieve courses en daarna 10 weken lang een project dat de kennis en vaardigheden uit de courses combineert met professional skills zoals plannen, samenwerken en communiceren. Elke course is over drie dagdelen geroosterd waarbij docent en klas drie klokuren bij elkaar zijn in hetzelfde lokaal.

Uit evaluaties kwam naar voren dat studenten de overgang van courses naar project erg groot vonden. We vroegen ons af of het eerder introduceren van Scrum deze overgang zou kunnen vereenvoudigen en zijn een onderzoeksproject met een pilot gestart met Scrum als onderwijsaanpak voor een van de twee courses: eduScrum.

Scrum als onderwijsaanpak: eduScrum

De essentie van eduScrum is dat studenten in teams zelf nadenken over wat zij nodig hebben om de leerstof onder de knie te krijgen. De aanpak is een vorm van agile education:

“The world is no longer predictable and learning needs to be more adaptive, connected, and interdependent. Education can respond to this constantly changing landscape with agility.”

Met eduScrum stellen docenten daarbij nog steeds duidelijke leerdoelen en eisen aan de toetsen en opdrachten die de studenten moeten maken. Docenten bepalen de kaders waarbinnen de studenten in teams bepalen de volgorde, het tempo, de manier van leren en de te gebruiken leermiddelen.

Bij eduScrum ligt de verantwoordelijkheid voor het leerproces dus bij de studenten. De docent geeft uitleg of nadere instructies op aanvraag van de studenten en coacht hen waar nodig.

In termen van Scrum is de docent de product owner en deels de scrum master: de master of scrum die bewaakt dat het proces goed gevolgd wordt. De rol van product owner blijft de gehele course bij de docent, hij bepaalt de product backlog waarop alle deeltentamens (toetsen, opdrachten, casussen, etc.) staan inclusief de beoordelingscriteria die vastleggen wanneer de student de stof voldoende beheerst. De rol van scrum master ligt initieel bij de docent maar kan na 1 of 2 sprints (timeboxen van twee weken die eindigen met een deeltentamen) verschuiven naar een specifieke student per projectgroep. De groepen houden zelf hun voortgang bij met een planbord, in eduScrum de flap genoemd. Op deze flap staan alle taken, maar ook eventuele blokkades en de maat van kwaliteit, de definition of done.

Het onderzoeksproject

Een van de aanleidingen om eduScrum nader te bekijken was de genoemde overgang van course naar projecten, maar er waren meer aanleidingen die samen leidden tot de volgende doelstelling:

Een verbetering van de integratie tussen professional skills en het CMD- en ICT-domein zodat:

  • studenten beide aspecten in een onderwijssituatie als elkaar versterkende onderdelen ervaren;
  • de overgang van course- naar projectfase soepeler verloopt;
  • studenten meer invloed hebben op en controle hebben over hun eigen leer- en ontwikkelingsproces;
  • docenten hun tijd evenwichtiger kunnen verdelen over studenten van verschillende niveaus.

Op basis van de ICA methodenkaart voor praktijkonderzoek opent in een nieuw venster hebben we hoofdzakelijk gekozen voor de onderzoeksruimtes Werkplaats en Veld:

  • Het uitvoeren van een tweedejaars course in vier klassen: twee klassen met eduScrum en twee klassen als controlegroep zonder eduScrum.
  • Het observeren van studenten en vragenlijsten afnemen bij studenten en docenten.

De pilot in de course

Gedurende 8 weken kregen alle klassen dezelfde opdrachten en toetsen met alleen een afwijkende didactiek en in sommige gevallen ook een andere docent.

Bij aanvang waren studenten ervan overtuigd dat groepswerk op vrijwel alle aspecten een positieve impuls zou geven, behalve op hun individuele cijfer. Studenten hadden ook na de course het gevoel dat groepswerk een negatief effect op hun cijfer had, maar de toetsresultaten spraken dat tegen. Dit verschil verklaren wij doordat studenten:

  • niet gewend zijn om in groepjes te leren tijdens een course;
  • soms negatieve ervaring hebben met projectgroepen in projectonderwijs (“mijn cijfer was toen afhankelijk van de prestatie van een ander”);
  • geen vergelijkingsmateriaal hebben en dus zelf niet zien hoe relatief goed ze het doen;
  • wisten dat ze onderwerp van een pilot waren en dat maakt ze mogelijk onzeker;
  • na een sprint individueel getoetst worden en daardoor geen gemeenschappelijk doel nastreven wat groepsvorming zou kunnen remmen.

Studenten uit de eduScrum-klassen presteerden gemiddeld genoeg even goed of beter maar de standaardafwijking in de eduScrum-klassen was groter. We hebben ook gemeten hoe de studenten presteren ten opzichte van soortgelijke vakken in de propedeuse. De eduScrum-klassen laten zien een grotere groei te hebben doorgemaakt.

De resultaten van de eduScrum-klassen zijn dus zichtbaar beter maar studenten ervaarden de aanpak erg wisselend:

“Het is moeilijk om je eigen werk te moeten plannen, dat kan een docent veel beter voor ons doen.”
“Het is lastig om samen te werken in een groep als niet iedereen dezelfde commitment heeft.”
“Fijn dat ik meer op mijn manier door de stof heen kan gaan, maar dat kwam ook doordat mijn groepje op dezelfde manier wilde leren.”
“Het is prettig om de contacttijd zelf in te kunnen delen en niet verplicht te worden om lang naar een docent te moeten luisteren.”

Het zelf indelen van je leerproces is dus moeilijk maar wel fijn. Het moeten samenwerken heeft ook nadelen zo ervaarden ook de docenten:

“Groepjes die goed samenwerken gaan als een speer, andere groepjes hebben soms een herindeling nodig, dat kunnen ze heel goed zelf, bijvoorbeeld op basis van ambitie of gewenst eindcijfer voor de course.“
“We hebben geen consequenties verbonden aan het verstoren van het groepsproces, het is hierdoor lastig om studenten die niet samen willen of samen kunnen leren mee te krijgen, zij worden vaak stoorzenders voor de rest.”

Docenten zagen ook meerdere voordelen:

“We zien studenten veranderen van kennisconsument naar kennisproducent.”
“Ik kan mijn tijd efficiënter besteden omdat de klassikale tijd beperkter is en per groepje de wensen en behoeften kan peilen.”
“Studenten ogen onzekerder richting een toets dan in een klassikale opzet, maar ik denk dat dat functioneel is. Studenten bestuderen beter wat er van hen verwacht wordt omdat dat noodzakelijk is om te kunnen leren”.

Een van de dingen die de pilot ons dus leerde is dat groepsgewijs leren niet vanzelf gaat en soms het leerproces echt frustreert, in een volgende uitvoering willen we de studenten de keuze geven om alleen te leren of in een groep waarbij we het laatste erg stimuleren met het oog op het project.

Daarnaast startten we initieel de les met een klassikaal moment op basis van de bevindingen (in Scrum retrospective genoemd) van de vorige les. We hebben gedurende de pilot dit klassikale moment verplaatst naar het midden of einde van de les. Het gaf ons als docenten de gelegenheid om de starten met een rondje langs alle groepen, het checken van hun voortgang en het checken van de leervragen om zodoende een college, demo of quiz te doen. Het gaf ons en de studenten directere feedback en studenten bleven nog meer dan daarvoor tot het einde van de les in het lokaal werken.

Tijdens het project dat volgde op de course hebben we docenten meerdere malen gevraagd om in te schatten hoe de projectgroepen (die soms wel en soms niet de eduScrum didactiek hadden gehad) presteren op het gebied van o.a. een nieuwsgierige houding, zelfstandig experimenteren en het plannen van werkzaamheden.

De resultaten in het project

De eduScrum-groepen (projectgroepen die tijdens de course met eduScrum hadden geleerd) scoorden aanvankelijk op alle gebieden beter. De andere groepen liepen de achterstand gedurende het project in, met uitzondering van de facetten “Kritisch naar zichzelf en het eigen proces kijken” en “Nieuwsgierige houding”. Hierop hadden de eduScrum-groepen een voorsprong, maar alle groepen groeiden hierin gedurende het project evenredig. De eduScrum-groepen ontwikkelden dus eerder een nieuwsgierige houding en scoorden op dit vlak beter dan de controlegroep.

Het leren op een agile wijze in de voorgaande course bereidt studenten beter voor op het project. Doordat course en project dezelfde structuur hebben en dezelfde rollen krijgen studenten een voorsprong waardoor de tijd die anders aan het leren van het proces besteed wordt aan andere dingen besteed kan worden. De onzekerheid in de course maakt in het project in onze observatie plaats voor vertrouwen in eigen kunnen en het vertrouwen om te experimenteren en fouten te maken.

We hebben tijdens de pilot gezien dat studenten meer invloed hebben op hun leer- en ontwikkelingsproces, maar studenten ervaren dat zelf nog niet, het voelt nog ongemakkelijk om zo te leren. De integratie van professional skills is ingezet maar nog verre van volmaakt. Verder is uit de projectevaluatie gebleken dat alle studenten de overgang naar het project nog steeds als fors ervaren. Er zijn dus meerdere factoren die een rol spelen, waarop we nog onvoldoende grip hebben.

We gaan verder met deze veelbelovende aanpak om te zien hoe en of we de doelstelling volledig kunnen gaan halen. Studenten zijn enthousiast over de aanpak en andere collega’s hebben zin om op deze manier les te gaan geven.

Geef een reactie